Theoretisch kader

TriMotion ziet dat het Gamechange Café dat zij maandelijks willen organiseren in de openbare bibliotheek versterkt zou kunnen worden als er een meer multimediale aanpak wordt gekozen. Op deze manier kan TriMotion namelijk een community creëren, gekoppeld aan een interactief platform. Daar kunnen mensen elkaar ontmoeten en verder contacten leggen rond de thema’s die tijdens de talkshows besproken worden. Er kan er via live streaming een publiek bereikt worden die niet bij de talkshow aanwezig kan zijn. Daarnaast kunnen mensen die het Gamechange Café gemist hebben de talkshow op een later moment terugkijken met een terugkijk-video. Om het (potentiële) publiek warm te krijgen zijn er vooraankondigingen nodig om mensen aan te zetten om naar het evenement te komen. Om te zorgen voor meer naamsbekendheid is er behoefte aan een sterk visueel beeldmerk dat op alle uitingen terug komt. Nu is de vraag welke media het beste ingezet kunnen worden voor de verschillende doeleinden. Dit theoretisch kader vormt de basis voor mijn onderzoek. Van hieruit ga ik verder onderzoek doen naar de multimediale vormen.

Multimediale vormen

Zoals Martijn Hemminga schrijft kan een grotere en bredere doelgroep worden aangesproken door multimediaal te werken. Ook kan de doelgroep vaker worden aangesproken op verschillende manieren. Daarnaast verbetert dit de merkkennis en is men meer overtuigd van de voordelen van het merk. Dus des te vaker de boodschap wordt gezien, des te hoger de waarde van de campagnes. Maar Hemminga benoemt gelijk een valkuil, wanneer er geen samenhang is tussen de verschillende onderdelen van de multimediale strategie (Martijn Hemminga, 2006). Bij TriMotion wil men zich nog niet vast pinnen op bepaalde vormen van media. Daarom kiezen we ervoor om op verschillende platformen in te zetten en gaandeweg te testen welke platformen voor ons concept het meest effectief zijn. Dat gaan we op verschillende manieren doen. Ten eerste door enquêtes af te leggen bij belanghebbenden. Ook door te kijken naar totaalcijfers van bijvoorbeeld YouTube en Facebook kunnen we conclusies trekken.

Fred Bronner (Fred Bronner (SWOCC): Multimediasynergie in reclamecampagnes) waarschuwt al dat er voor alle media-uitingen evenveel aandacht moet zijn, omdat anders het hele concept een kwalitatief lagere inschaling krijgt. Dit is meteen de grootste uitdaging in mijn onderzoek. Er is namelijk bijna geen budget voor het produceren van de talkshow, maar het geheel moet wel een professionele uitstraling krijgen. Binnen TriMotion is er veel meer expertise in het opzetten van een talkshow inhoudelijk dan in de techniek achter het live streamen en het maken van aftermovies. De wereld van het live streaming voor consumenten met een klein budget, in tegen stelling tot grote shows en evenementen, is nog relatief nieuw. Er is dus nog weinig kennis op dit gebied. Het is dus het van belang een groot deel van de onderzoekstijd praktisch in te zetten en op zoek te gaan naar goedkope en efficiënte oplossingen die voor het publiek professioneel ogen. (Fred Bronner, 2006). Door trial and error komen we dan achter wat wél en wat niét werkt. Voor meer informatie kan ik u doorverwijzen naar mijn blog. Daar zijn de overige onderzoeken en analyses te vinden.

> Ga naar het blog.

long tail marketing

Binnen online-marketing is al langer bekend dat evenementen een langer leven hebben door de inzet van internet. Een tv programma werd vroeger 1 a 2 keer uitgezonden en dat was het. Tegenwoordig blijven zaken veel langer beschikbaar en hebben dus een veel langer leven, door internet. Dit long tail principe werd al beschreven door Chris Anderson in Wired magazine in 2004. (Chris Anderson, 2004).

Wij hebben hiervoor gekozen, omdat je er met long tail marketing voor zorgt dat mensen langer betrokken blijven en de talkshow een langere nasleep heeft. Zo kun je op de langere termijn nog meer mensen betrekken. De mensen die je dan hebt betrokken in het einde van de ‘long tail’ kun je potentieel tijdens de erop volgende talkshow eerder betrekken.

Om deze ‘long tail’ te bewerkstelligen willen we in ieder geval gebruik gaan maken van Facebook. Op deze manier kunnen we namelijk een maand lang na een talkshow terugkoppelen met multimediale middelen. Denk daarbij aan het posten van de reportages van de hoofdgast, het posten van een tergkijkvideo/aftermovie en het posten van updates over de besproken onderwerpen. Ook kunnen we ongeveer een week voor een nieuwe talkshow de onderwerpen en de nieuw hoofdgast door middel van een korte reportage bekend maken.

long-tail-marketing-infographic

 

 

 

 

 

 

 

Afbeelding – Long Tail (Chris Anderson, 2015).

Aftermovies

Een aftermovie of een terugkijk video brengt vele voordelen met zich mee. Zo kunnen, in ons geval, de bezoekers de talkshow nog eens terugkijken. Zo kan het evenement worden herbeleefd en bepaalde informatie nogmaals worden bekeken. Aftermovies zijn ook een aantrekkelijk middel om nieuwe bezoekers enthousiast te maken. Een video bekijken op YouTube is erg laagdrempelig terwijl men meteen een goed beeld krijgt van de talkshow. Ook hebben de video’s daardoor een positief effect op de naamsbekendheid (Yourproductions, 2015). YouTube is onderhand al één van de grootste sociaal mediums dus een goede plek om de content op te plaatsen (afix, 2013).

De uitwerking van deze aftermovie’s en terugkijk-video’s kan je vinden onder het blog-fliter “Productie en playback”.

Social media

Om het evenement interactief te maken en publiek de mogelijkheid te geven verder mee te praten over de thema’s wil TriMotion gebruik gaan maken van social media. Ook om de redactie van het café van onderwerpen te voorzien ziet Trimotion het belang van het inzetten ervan. Omdat Trimotion aangeeft dat de doelgroep 25+ is, wordt in eerste instantie gekozen voor Facebook (Managementsite, 2016).
Uit een onderzoek dat is afgenomen door Newcom (2015) blijkt namelijk dat Facebook in Nederland nog steeds de grootste speler is op social media gebied. Naast Facebook staat YouTube op een stevige tweede plek. Daaropvolgend zijn Google+, Linkedin en Twitter. Bij Linkedin en Twitter is daarentegen wel sprake van een daling van gebruikersaantallen.

Screen Shot 2016-04-17 at 15.46.03

Afbeelding – Groei gebruikersaantallen Facebook en Google+ zet door in 2015 (Managementsite, 2016)

Visueel ontwerp

Bij het ontwerpen van het logo en het gehele ontwerp van het concept houd ik rekening met een aantal factoren. Het kleurgebruik is erg belangrijk. Kleur draagt een bepaalde emotie die een merk of product sterk kan ondersteunen (Geert Jan Stenvert, 2015). Naast dat ik rekening moet houden met de wensen van TriMotion zal ik ook nieuwe keuzes moeten maken waar TriMotion nog geen sterke mening over heeft. Zoals Alexander van der Kamp op 5 augustus 2013 beschrijft kan je het beste kiezen voor een primaire of secundaire kleur die overeenkomt met jouw gewenste uitstraling. Daarnaast kun je deze kleur het beste aanvullen met neutrale kleuren zoals wit, grijs en zwart. Deze kleuren zijn goed te combineren met vele andere kleuren en zorgen voor een goede balans (Alexander van der Kamp, 2013). Naast kleurgebruik moet ik ook rekening houden met andere zaken. Zo moet het logo schaalbaar zijn en dus groot én klein zijn in te zetten. Het logo moet in één vlakke kleur te gebruiken zijn. Ook zijn er een aantal zaken waar je rekening moet houden bij het kiezen van het lettertype. Gebruik niet meer dan twee lettertypes, gebruik niet te kunstige lettertypes en zorg dat de lettertypes bij het bedrijf passen. (Creative Bloq, 2015).

Meer informatie over de uitwerking van het logo en de huisstijl kan je vinden in de blogpost “Logo en huisstijl”.

color-emotion-guide_512d42458efc1_w1500

Afbeelding – Color emotion guide (thelogocompany.net, 2016).

Live streaming

Live streaming is potentieel een erg belangrijk medium omdat het een aantal voordelen kan bieden aan onze talkshow. Zoals wordt beschreven op de website van Webcastinc zorgt live streaming onder anderen voor meer publiek, relatief minder kosten en sterke connectie met je online publiek. (Webcastinc, 2016). Ook biedt het natuurlijk de mogelijkheid aan mensen om wel mee te kijken als ze zelf niet in Hengelo aanwezig kunnen zijn. Deze voordelen kunnen erg waardevol zijn voor TriMotion aangezien ze overeen komen met de gestelde doelen. Maar zoals ik al eerder aangaf in dit hoofdstuk, zal het nog een hele uitdaging worden om live streaming zowel qua beeld als qua geluid op kwalitatief het niveau te brengen zodat het past binnen de rest van het concept.

Meer informatie over mijn oplossingen voor het live streamen kan je het beste vinden in mijn vierde live stream blog post. De drie voorgaande posts kan je vinden onder het blog-fliter “Productie en playback”.

Met dit theoretisch kader heb ik de belangrijkste concepten verkend die een rol spelen in dit onderzoek. Nu kan ik deze dus beter en onderbouwd toepassen in de rest van mijn onderzoek. Gekoppeld aan dit theoretisch kader is de woordenlijst waarin ik een aantal veel voorkomende concepten nader toelicht. Daarnaast kom ik zo op de volgende hoofd- en deelvragen die bij dit onderzoek horen, deze kan je vinden op de aanpak pagina.

>Ga naar de woordenlijst.

>Ga naar de aanpak pagina.